25 februari 2026
Je werk niet leuk vinden is één ding. Maar een diepe, oncontroleerbare angst voelen bij het idee om weer aan het werk te gaan is iets helemaal anders: ergofobie, een realiteit die onze volledige aandacht verdient.
De afgelopen jaren zijn er op de arbeidsmarkt tal van psychische stoornissen en klachten opgedoken, zoals burn-out, brown-out en bore-out. Al deze verschijnselen zijn uitingen van verschillende vormen van uitputting, verlies van zingeving of pathologische verveling, en laten zien hoe complex de relatie tussen het individu en zijn werk wordt.
Deze verschijnselen, die nu beter worden herkend en zichtbaarder zijn binnen organisaties, getuigen van een realiteit waarin de arbeidsomstandigheden, organisatorische veranderingen en toenemende druk het psychologisch evenwicht van werknemers ondermijnen en hun relatie tot werk ingrijpend veranderen.
Onder deze verschijnselen neemt ergofobie, of de pathologische angst voor werk een bijzondere plaats in. Deze fobie is zeldzaam en onbekend.
De toegenomen zichtbaarheid van psychosociale risico’s op het werk creëert maakt de erkenning ervan meer mogelijk. Het is dan ook relevant om deze realiteit, die lange tijd verborgen is gebleven, onder de aandacht te brengen.
Er is sprake van ergofobie wanneer alleen al het vooruitzicht om te gaan werken pijnlijk wordt en een diep gevoel van onzekerheid en intense angst veroorzaakt. Ergofobie kan zich uiten in fysieke symptomen (hartkloppingen, zweten, duizeligheid, misselijkheid), psychologische symptomen (angst, paniekaanvallen, voortdurend piekeren, obsessieve gedachten over het werk) en vermijdingsgedrag (verzuim, te laat komen, niet reageren, isolatie, onvermogen om weer aan het werk te gaan).
Ergofobie kan ontstaan als gevolg van een moeilijke professionele ervaring, zoals pesterijen, een langdurig conflict of elke situatie die de persoon in een zeer kwetsbare positie heeft gebracht. Deze gebeurtenissen kunnen de relatie met het werk blijvend verzwakken en een voedingsbodem vormen voor een intense angst, opnieuw aan het werk te gaan.
Deze intense, frequente en langdurige angst voor het werk heeft grote gevolgen, zowel voor het beroepsleven als voor het persoonlijke evenwicht van de betrokken persoon.
Als dit herkenbaar is voor jou, raden wij aan even stil te staan en te proberen begrijpen wat er werkelijk aan de hand is. In de meeste gevallen is het niet het werk zelf dat het probleem vormt, maar een werksituatie die een bron van lijden is geworden – of die nu verband houdt met de organisatie, de inhoud van de functie, de omstandigheden waarin het werk wordt uitgevoerd, de werkomgeving of de kwaliteit van de interpersoonlijke relaties.
Hoe vlugger men zich hiervan bewust wordt, hoe beter men kan handelen om deze angst te behandelen en te overwinnen. Als ergofobie daarentegen langdurig aanhoudt, bestaat het risico dat men niet meer kan werken. Deze verwijdering van de professionele omgeving kan echter een vicieuze cirkel creëren, want hoe langer de afstand tot het werk blijft bestaan, hoe groter de angst om terug te keren.
Tot slot is het essentieel om te onthouden dat het geen schande is om hulp te vragen. Of je er nu over praat met een vertrouwenspersoon, je huisarts, een professional uit de mentale gezondheidszorg (psycholoog of psychiater) of de arbeidsarts, het belangrijkste is dat je er niet alleen mee blijft zitten en jezelf de mogelijkheid biedt om echt begeleid te worden.
Artikel in samenwerking met Odile Sanglier, Principal Expert Psychosocial Risk Manager bij Cohezio.