11 maart 2026
Dit voorjaar krijgen bedrijven mogelijk bezoek van de arbeidsinspectie met een heel concrete focus: ergonomie op het werk.
De controles gaan na of werkgevers voldoende doen om lichamelijke overbelasting te voorkomen en om klachten aan spieren, gewrichten en pezen tegen te gaan. Voor wie goed voorbereid is, hoeft zo’n inspectie geen reden tot ongerustheid te zijn.
Klachten aan de rug, nek, schouders of polsen komen op veel werkvloeren voor. Ze lijken soms banaal, maar kunnen werknemers op termijn ernstig hinderen. Daarom kijkt Toezicht Welzijn op het Werk dit jaar extra naar de manier waarop ondernemingen ergonomische risico’s aanpakken en musculoskeletale aandoeningen proberen te voorkomen.
De arbeidsinspectie controleert of ondernemingen de regels rond welzijn op het werk correct toepassen. Dat gebeurt via inspectiebezoeken, soms aangekondigd en soms onverwacht. Zo’n bezoek heeft niet alleen een controlerende functie. Inspecteurs geven ook uitleg en advies over wat beter kan.
Wanneer ze vaststellen dat een onderneming niet in orde is, kunnen ze verschillende stappen zetten. Dat kan gaan van een waarschuwing tot een formele ingebrekestelling, met een termijn om de situatie recht te zetten. In uitzonderlijke gevallen kunnen ze bijkomende maatregelen opleggen.
Bij een inspectiebezoek kan de inspecteur vragen dat verschillende mensen aanwezig zijn. Het gaat meestal om:
de werkgever of een vertegenwoordiger van de werkgever
de interne preventieadviseur
leden van de hiërarchische lijn die betrokken zijn bij het welzijns- en ergonomiebeleid
een werknemersvertegenwoordiger uit het comité voor preventie en bescherming op het werk, als dat comité aanwezig is
Het is dus verstandig om vooraf af te spreken wie welke informatie kan toelichten.
De inspectie kijkt niet alleen naar de werkvloer zelf, maar ook naar de documenten die aantonen dat het preventiebeleid goed is opgebouwd. Die mogen ook digitaal worden voorgelegd.
Hou zeker deze documenten bij de hand:
het identificatiedocument van de interne dienst voor preventie en bescherming op het werk
het contract van aansluiting bij de externe dienst voor preventie en bescherming op het werk
het bewijs dat je online toegang hebt tot de inventaris van de prestaties van de externe dienst
de verslagen van de drie laatste bezoeken van de externe dienst en de planning van de volgende bezoeken
het beleidsadvies van de externe dienst, als je onderneming tot groep C of D behoort
Daarnaast kan de inspectie ook meer specifieke stukken opvragen, zoals:
de risicoanalyse van musculoskeletale aandoeningen op het werk
het huidige globaal preventieplan, met daarin de maatregelen rond ergonomie
het jaaractieplan van dit jaar en dat van vorig jaar
het opleidingsprogramma voor werknemers over ergonomie
de lijst van veiligheidsfuncties, functies met verhoogde waakzaamheid, functies met manueel hanteren van lasten en functies met ergonomische of zware fysieke belasting
de nominatieve lijst van werknemers die verplicht onder gezondheidstoezicht vallen
Een inspectie draait niet alleen om papieren in orde hebben. Ze kijkt ook naar de praktijk. Zijn ergonomische risico’s echt bekend op de werkvloer? Krijgen werknemers opleiding? Worden belastende taken aangepakt? Zijn er concrete maatregelen genomen?
Precies daar zit het verschil tussen een beleid dat alleen op papier bestaat en een aanpak die werknemers echt beschermt.
Voor veel bedrijven is dit een goed moment om het eigen ergonomiebeleid opnieuw te bekijken. Niet alleen omdat inspecteurs daar aandacht voor hebben, maar vooral omdat lichamelijke overbelasting een van de grote oorzaken blijft van pijn, uitval en langdurige afwezigheid.
Wie vandaag werk maakt van ergonomie, doet dus meer dan zich voorbereiden op een controle. Je investeert tegelijk in een gezondere werkvloer, minder uitval en meer duurzame inzetbaarheid.
Heb je hierover vragen of nood aan meer informatie of advies? Neem dan contact met onze preventieadviseurs ergonomie.